Bloemen en planten

 


De oorspronkelijke vegetatie van de Heemtuin bestond louter uit brandnetels en bramenstruiken.
Ze hebben voor een groot deel plaatsgemaakt voor andere bloemen en planten. Deels zijn ze aangeschaft, zoals de rhododendron en sommige berken, deels hebben ze de gelegenheid gekregen om uit te groeien, omdat de vrijwilligers meer licht en lucht in de Heemtuin brachten.



Viola odorata; maarts viooltje

Pulmonaria officinalis; longkruid
De eerste paars/roze bloemetjes van het longkruid zijn ook al weer te zien. 
Longkruid behoort tot de ruwbladigenfamilie (Boraginaceae). In de heemtuin is het gevlekte longkruid te vinden. Er is ook een soort zonder vlekken, die uit Frankrijk afkomstig is.
(P. longifolia). De botanische naam is afgeleid van het Latijnse pulmo (= long). Men meende dat de tekening van het gevlekt longkruid op (zieke) menselijke longen leek.
(Bron: Wikipedia)


Symphytum grandiforium; smeerwortel

Symphytum caucasium; smeerwortel

Helleborus argutifolius; kerstroos


Galanthus univalis; sneeuwklokje

 (bron: wikipedia)

In de heemtuin is in de lente op verschillende plaatsen het begin te zien van het groot hoefblad. Er steken trossen paars-rode bloemetjes uit het groen omhoog. Wat later in de tijd worden de stengels groter, tot zo’n 40 cm. Pas tegen het eind van de bloei (april) worden zowel de tros als de hele stengel langer. Dan verschijnen ook grote groene bladeren. Het groot hoefblad groeit op vochtige plaatsen, op de oevers van rivieren en sloten. Vaak vormt het grote kolonies.
 
dotterbloem (Caltha palustris)

Geranium, gele dovenetel en daslook

daslook (Allium ursinum)


Lelietje-van-dalen


Hebe albicans


Kerria 
 

Smeerwortel en op de voorgrond: goudveil

gele dovenetel


boompioen



Weigelia


Rhododendron


 
teunisbloem

koninginnenkruid


Japanse anemoon, Anemone hupehensis. Het is geen inheemse plant. Hij zou dus eigenlijk niet thuishoren in een heemtuin. Hij werd tussen 1900 en 1910 in Europa ingevoerd in Nancy en is afkomstig uit de Chinese provincie Hebei. De variëteit Anemone hupehensis var. japonica. komt van nature voor in Japan. (bron: Wikipedia)


Campanula Lactiflora (klokjesbloem)


Knikkend nagelkruid

Vingerhoedskruid          

Vingerhoedskruid


Kruldistel (Carduus Crispus)

De hele plant is met stekels bezet. Hij heeft een hoge, vaak bovenin vertakte stengel, met op elk uiteinde meestal vijf bloemhoofdjes. Hij heeft krullende, gekroesde bladeren.

      

Japanse wijnbes (Rubus phoenicolasius)

De Japanse wijnbes is nauw verwand aan de braam. Dat is ook wel te zien aan de bessen. De soort komt van nature voor in Korea, Japan en China. Omstreeks 1875 werd in Frankrijk een tot dan toe onbekende, op een braam lijkende struik ingevoerd, die de naam Japanse wijnbes kreeg. Via Frankrijk verspreidde de struik zich.